Conceptuele afbakening van professionele autonomie, zelfstandigheid en sturing

Conceptuele afbakening van professionele autonomie, zelfstandigheid en sturing

In deze synthese wordt professionele autonomie niet begrepen als volledige onafhankelijkheid van AI, maar als het vermogen van professionals om AI-geïntegreerde werkprocessen kritisch te begrijpen, doelgericht aan te sturen, inhoudelijk te beoordelen en verantwoordelijkheid op te nemen voor de uitkomsten ervan. Autonomie verwijst dus niet naar het vermijden van AI, maar naar het behouden van professioneel oordeelsvermogen binnen situaties waarin AI een structurele rol speelt.

Zelfstandigheid verwijst binnen deze analyse naar wat professionals, en bij uitbreiding studenten, voldoende zelfstandig moeten kunnen begrijpen, beslissen, uitvoeren of verantwoorden, met of zonder ondersteuning van GenAI. Het begrip sluit daarmee aan bij de centrale projectvraag naar het gewenste zelfstandigheidsniveau.

Sturing verwijst specifieker naar de mate waarin professionals AI-systemen actief richting geven tijdens het werkproces. Het gaat daarbij om het formuleren van doelen, context, kwaliteitscriteria en instructies, en om het vermogen om AI-output iteratief bij te sturen wanneer die niet aansluit bij de professionele bedoeling.

Professionele disposities verwijzen binnen deze analyse naar de wijze waarop professionals kennis, vaardigheden en professioneel oordeel herkennen, activeren en inzetten binnen concrete beroepssituaties. In lijn met dispositionele benaderingen omvatten zij niet alleen het vermogen om adequaat te handelen (ability), maar ook de gevoeligheid om relevante situaties te herkennen (sensitivity) en de bereidheid om effectief te handelen (inclination).

De bevindingen uit beide sessies suggereren dat professioneel handelen in AI-geïntegreerde contexten niet uitsluitend afhankelijk is van wat professionals kennen of kunnen. Kritisch beoordelen van AI-output, verantwoordelijkheid opnemen voor beslissingen, controle uitoefenen over processen en context betekenisvol interpreteren veronderstellen niet alleen kennis en vaardigheden, maar ook de bereidheid om professioneel oordeel actief in te zetten wanneer AI overtuigende, efficiënte of ogenschijnlijk correcte oplossingen aanbiedt.

Het dispositiebegrip wordt in deze synthese daarom niet gebruikt als vervanging van competenties, autonomie of zelfstandigheid, maar als een aanvullende interpretatieve lens die helpt verklaren waarom professionals met vergelijkbare kennis en vaardigheden toch verschillend omgaan met AI-geïntegreerde situaties en daarbij verschillende vormen van professioneel handelen tonen.

De onderscheiden begrippen verwijzen naar verschillende dimensies van professioneel handelen, maar zijn in de praktijk sterk met elkaar verweven. Een professional kan bijvoorbeeld beschikken over diepgaand domeinbegrip, maar AI toch slechts beperkt actief aansturen. Omgekeerd kan iemand AI zeer actief gebruiken of prompten zonder voldoende inhoudelijk begrip om de output professioneel te beoordelen. Daarnaast kunnen professionals over vergelijkbare kennis en vaardigheden beschikken, maar verschillen in hun gevoeligheid om kritisch in te grijpen of hun bereidheid om verantwoordelijkheid op te nemen wanneer AI-output tekortschiet. Precies deze spanningen vormen de basis voor de scenario-assen en typologieën die hieronder worden uitgewerkt.